Banjo

Uit Oncyclopedia
Ga naar: navigatie, zoeken
BanjoLisa.GIF
Er zijn meer dingen tussen hemel en aarde, Horatio, dan waarover gij ooit gedroomd hebt in uw filosofie!
~ Shakespeare over de banjo.

De banjo is een bijzonder dubbelzinnig muziekinstrument. Telkenmale iemand het ongezonde initiatief neemt om een gesprek over de banjo te starten, ontstaat er tweespalt, die de discussie eindeloos, en de irritatie grenzeloos maakt.

Inhoud

[bewerken] Plukken

Een schrijnende illustratie van de tweespalt die een banjo teweeg kan brengen.

De laaiendste discussies kunnen ontstaan wanneer iemand zich laat ontvallen dat een banjo geplukt wordt. Want elke keer splitst het gezelschap zich in twee kampen, zelfs als er in totaal maar twee personen aanwezig zijn.

[bewerken] Spelenderwijs leren

Tijdens de discussie over het plukken van een banjo, zal één der partijen volhouden dat het "plukken" van een banjo uitsluitend te maken heeft met de karakteristieke manier waarop de banjoïst, want zo heet de bespeler, aan de snaren trekt, in de (vaak ijdele) hoop er enige zoete klanken aan te ... onttrekken. In het ergste geval heeft deze persoon ook nog een banjo bij zich, en illustreert zijn bewering. De tegenstrever kan de stelling niet helemaal ontkrachten, aangezien nog niemand erin geslaagd is om aan een banjo op overtuigende manier klanken te ontlokken door erover te strijken, of erin te blazen. Alleen het slaan op of met een banjo schijnt terrein te winnen. Het enige wat deze plukstelling kan verweten worden, is haar woordkeuze.

[bewerken] Wie banjo's zaait zal lawaai oogsten

Niet zelden verdoezelt een banjoïst zijn gebrek aan techniek met behulp van visueel spektakel.

De tweede partij zal namelijk opperen dat het "plukken" van de banjo uitsluitend slaat op de manier waarop banjo's sinds oudsher geoogst worden. Net zoals de fagot wordt de banjo immers gekweekt. Het grote verschil zit hem in de oogst: waar de geoogste fagot bestaat uit de volledige, zij het van zijn takken en wortels ontdane fagotboom, worden banjo's geplukt van de banjoboom of, correcter, "banjelier. Het volstaat om een banjo in de grond te stoppen, om binnen het jaar een fraaie banjelier te zien ontluiken, die twee jaar later voor het eerst vruchten draagt. De beste banjo's worden echter geplukt van banjelieren die tussen de vijf en de vijftien jaar oud zijn.

[bewerken] Fysieke opbrengst

Het zal duidelijk zijn dat een gemiddelde banjelier, met zijn opbrengst van een tiental banjo's per seizoen, een interessanter product is dan de fagotboom, die tenslotte éénmalig één instrument levert, en daar dan nog vijftien jaar over doet. Dit verklaart meteen waarom er zoveel meer banjo's dan fagotten in de wereld zijn. Onder het kopje "fysieke opbrengst" brengen we uiteraard ook de veelzijdigheid van het instrument onder. Het kan namelijk ook gebruikt worden als roeispaan, als vliegenmepper, als tennisracket en als uurwerkslinger.

Een banjelier klaar voor de pluk.

[bewerken] Artistieke opbrengst

De artistieke opbrengst van de banjelier is echter veel geringer dan die van de fagotboom, omdat de jengelende tonen die van het instrument geplukt worden de doorsnee luisteraar eerder nerveus maken, dan dat ze zijn zeden verzachten. Wanneer een toehoorder door het lint gaat[1], en met de banjoïst in een handgemeen verwikkeld raakt, sneuvelt snel het instrument, hetzij omdat de muzikant zich ermee wil verdedigen, hetzij omdat de furieuze toehoorder er de banjospeler een forse klap mee toedient. Op deze manier wordt het overaanbod van banjo's weer tot aanvaardbare dimensies teruggebracht.

[bewerken] Stemming

In woeste gebieden komt de veelzijdigheid van een banjo goed van pas.

Een beetje muzikant wil wel eens een boompje opzetten over de stemming van zijn instrument. Ook hierop maakt de banjospeler geen uitzondering, en ook hier speelt de banjo een dubbelrol[2]. Want wéér vormen zich meteen twee partijen, en zonder uitzondering bevat slechts één der partijen een banjoïst. De stemming[3] tijdens deze discussie is merkelijk meer gespannen dan tijdens de voorgaande, ja zelfs op het grimmige af. De waard bergt zijn meest kostbare glaswerk[4] op, sluit de kassa af en gaat wat televisie kijken. De laatste Klont Oostwoud wordt uitgezonden, nog geen twee maanden na de zaalpremière!

[bewerken] Gevoelige snaren

Eén der sprekenden zal opperen dat met "stemming" uitsluitend gerefereerd wordt aan een aantal onduidelijke afspraken omtrent de toonhoogte van de snaren. Hij zal dan ook meteen uit het niets een banjo tevoorschijn toveren, en aan minstens één stemschroef beginnen frunniken. Dat resulteert meestal in het kapot springen van de snaar, tot groot jolijt van de tegenstrever. Dit jolijt treft de door de springende snaar in volle gelaat getroffen spreker in volle eergevoel, en een stevige vechtpartij begint. Tijdens dit gevecht sneuvelt de banjo. Na een stevige pint gepakt te hebben legt de andere conversant zijn ziel bloot.

[bewerken] Binnen of buiten

De banjo van Lascaux.

De tweede definitie van de stemming van een banjo gaat terug tot het toelaten van de allereerste banjo in het standaardorkest. Overtuigde banjoïsten betwisten het hele idee van twijfel over het toelaten van een banjo, en pas wanneer de druk te groot wordt, willen zij schoorvoetend toegeven dat tienduizenden jaren geleden daar wel eens sprake moet van geweest zijn. Zij gaan daarbij schaamteloos voorbij aan een bijzonder interessant gedeelte van de grotschilderingen van Lascaux, waar men duidelijk een orkest zich in twee gelijke groepen ziet splitsen, met tussen beide een persoon die duidelijk een banjo in de hand houdt. Iets verder ziet men dezelfde persoon dapper één der proeven doorstaan die het ex aequo moeten omzetten naar een duidelijk resultaat. Dat deze persoon het pleit heeft gewonnen, hebben wij intussen gemerkt. Dat het luide lachen van de niet-banjoïsten tijdens de uiteenzetting over de toelatingsproeven de banjospeler provoceert tot een tweede vechtpartij, hoeft geen tekeningetje. Dat de weerom uit het niets tevoorschijn gehaalde banjo, waarop hij tijdens het gesprek nerveus aan het tokkelen was, eveneens sneuvelt, had u al geraden.

[bewerken] Waar zetten we hem?

Over de plaatsing van de banjoïst in het orkest is nooit enige discussie geweest: hij werd van meet af aan binnen slagbereik van de drummer gezet. Zo kan deze hem intomen vóór er een toehoorder door het lint gaat, en hem ook teken doen wanneer hij wat ritmische begeleiding mag overnemen, want ook een drummer moet af en toe kunnen rusten. Dit invalwerk pleegt wel in te werken op het ego van de banjospeler, die dan duchtig moet ingetoomd worden wanneer de drummer zijn taak hervat. Ook hier komen rake trommelstokklappen aan te pas.

Plaats van de banjo in het standaardorkest.



[bewerken] Notenbalk

Artikel1111.GIF
  1. Een standaardorkest wordt al millennialang van zijn publiek gescheiden door een dun doch veelkleurig lint, alweer een gebruik dat verloren gaat in de nacht der tijden. Het waren dus de talrijke luisteraars die gedurende al die tijd regelmatig tijdens een banjosolo door het lint gingen, die de uitdrukking "Door het lint gaan" in de wereld brachten.
  2. Eigenlijk een tripelrol, gezien de kweekwijze. Voor een banjoïst is een boompje, opgezet of omghakt, niet zómaar een boompje.
  3. Zelfs het begrip "stemming" speelt in deze paragraaf een tripelrol. Wie het allemaal te ingewikkeld wordt, kan nog altijd de spannende avonturen van Samson en Gert volgen, en later nog eens proberen.
  4. De bij Belgisch bier horende glazen zijn echte pronkstukken, op het niveau van de godendrank die zijn tijdens hun loopbaan regelmatig bevatten.
Gebruiker
Naamruimtes

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Projecten
Hulpmiddelen
Delen
In andere talen